• Datum:11 MEI 2017
  • Locatie:LEUVENSEWEG 21, 1000 BRUSSEL
  • Plaatsen:120 BESCHIKBAAR
  • Sprekers:9 GASTSPREKERS

15 jaar euthanasie

  • WIE Het symposium komt er op initiatief van Jean-Jacques De Gucht. De senator voor Open Vld is gekend om zijn wetgevende voorstellen in ethische zaken waarin hij zich steeds toont als de verdediger van het zelfbeschikkingsrecht van het individu. Hij ijvert sinds jaar en dag voor meer aandacht voor palliatieve zorgen en een actualisering van de euthanasiewet. In de Senaat diende hij daartoe reeds verscheidene voorstellen in. Vorige legislatuur kwam er op zijn initiatief een uitbreiding van de euthanasiewet voor minderjarigen.
  • WAAROM Op 28 mei 2002 werd euthanasie in België voor het eerst wettelijk mogelijk. We namen, samen met onze noorderburen, het voortouw in het debat rond levensbeëindiging. Sindsdien bieden we de burger zelf de mogelijkheid te antwoorden op de één van de moeilijkste levensvragen: de eindelevensvraag. Vijftien jaar later is het hoog tijd om deze periode te evalueren. Maar ook om vooruit te blikken. Hoe ziet de praktijk eruit? Wat beweegt er in het buitenland? Bevat de wetgeving nog hiaten of tekortkomingen? En welke vragen heeft u? Aan de experts in de verschillende panels om ons te helpen antwoorden te formuleren op uw en onze vragen.
  • waarWAAR Het symposium vindt plaats in de Congreszaal van het Federaal Parlement. We kozen voor deze symbolische plaats omdat de eerste wet hier 15 jaar geleden ook gestemd is.

GASTSPREKERS

prev
next
Joanne Klineberg Wet adviseur
Ms Klineberg earned her civil law and common law degrees at McGill University in 1996, and a Master of Laws from the University of British Columbia (2002). For twenty years, Ms Klineberg has worked in the Criminal Law Policy Section of the Department of Justice, Canada, specialising in general principles of criminal liability, and criminal offences such as homicide. She was involved in supporting the Government in the Carter v. Canada litigation (2015), which found a constitutional right to medical assistance in dying, and was lead criminal law advisor to the Government of Canada in the development of new legislation to legalize medical assistance in dying across Canada (2016).
Wim Distelmans Kankerspecialist
Kankerspecialist en professor in de palliatieve geneeskunde aan de VUB. Hij pionierde in België voor de erkenning van palliatieve zorg en vocht voor het recht op euthanasie. In 2003 hiervoor bekroond met de Arkprijs van het Vrije Woord. Hij is o.a. voorzitter van de palliatieve thuiszorg OMEGA, richtte in Wemmel TOPAZ op, het eerste dagcentrum voor ernstig zieken, en ontwikkelde het LEIF-project. Hij was voorzitter van de Federatie Palliatieve Zorg Vlaanderen en is momenteel van de Federale Commissie Euthanasie.
Luc Proot Chirurg
Chirurg met een bijzondere bekwaming in de oncologische heelkunde. Hij was departementshoofd heelkunde in het AZ Sint Jan Brugge van 1994 tot 2011 en is medestichter van de palliatieve zorg in Brugge in 1988 en van LEIF West-Vlaanderen. Vandaag is hij tevens LEIFarts en plaatsvervangend lid van de euthanasiecommissie. Sedert 2006 lid van de  ‘Fellow of the American College of Surgeons’.
Koen Titeca Psychiater
Psychiater, cognitief-gedragstherapeut, LEIF-arts en lid van het ULteam te Wemmel. Hij is dagelijks actief als medisch diensthoofd psychiatrie en verantwoordelijk arts spoedeisende psychiatrie EPSI en electroconvulsietherapie van het az Groeninge. In diezelfde instelling ook referentiearts alcoholpreventie, suïcidepreventie, vrijheidsbeperking en levenseinde vragen.
Steven Pleiter Projectleider levenseindekliniek
Projectleider voor de toen nog te realiseren Levenseindekliniek. In 2012 werd hij er directeur. De Levenseindekliniek ondersteunt mensen die bij een euthanasieverzoek niet bij hun behandelende arts terecht kunnen. In vijf jaren groeide de Levenseindekliniek tot hét expertisecentrum euthanasie van Nederland. Zij is gespecialiseerd in complexe euthanasievragen: bij psychiatrisch patiënten, mensen met dementie of met een opeenstapeling van ouderdomsklachten.
Ann Callebert Filoloog & Psycholoog
Master in de Germaanse Filologie en master in de Psychologie. Zij publiceerde in 2012 “Euthanasie bij ondraaglijk psychisch lijden” en is gespecialiseerd in herstelvisie en ervaringsdeskundigheid. Momenteel voert zij onderzoek rond herstel en euthanasie.
Luc Deliens Socioloog & Hoogleraar
Medisch socioloog en buitengewoon hoogleraar in Palliatieve Zorg Onderzoek aan de Vrije Universiteit Brussel & de Universiteit Gent. Hij is stichtend voorzitter van de onderzoeksgroep ‘Zorg rond het Levenseinde’ en tevens lid van de Koninklijke Academie voor Geneeskunde. Hij is ook co-voorzitter van het research netwerk van de European Association for Palliative Care (EAPC).
An Ravelingien Ethicus
Ethicus bij het Bioethics Institute Gent. An Ravelingien behaalde in 2006 een doctoraat in de bio-ethiek aan UGent. Zij. Ze heeft de voorbije jaren tevens onderzoek verricht rond (xeno-)transplantatie en verbeterkunde. Sinds oktober 2015 werkt ze ook deeltijds in het AZ Delta ziekenhuis als ethisch consulent.
Evelien Delbeke Advocate
Advocate gespecialiseerd in het gezondheidsrecht. Binnen deze materie voert zij procedures voor en verleent zij advies of bijstand aan zorginstellingen en verenigingen, beroepsbeoefenaars en particulieren. In 2011 promoveerde zij tot doctor in de rechten met het proefschrift ‘Juridische aspecten van zorgverlening aan het levenseinde’.

Programma

Donderdag 11 mei 2017: Symposium 15 jaar Euthanasiewetgeving

onthaal

Dagvoorzitter: Yves Desmet

  • 9:00 - 9:30
    Onthaal met koffie en ontbijtkoeken
  • 9:30 - 9:45
    Verwelkoming + Inleiding op het programma Jean-Jacques De Gucht

DEEL 1

  • 9:45 - 12:30
    15 jaar later
    1. Facts and figures
      • Onderzoeksresultaten Prof. Luc Deliens, Professor Public Health en Palliatieve Zorg, Onderzoeksgroep Zorg rond het levenseinde, VUB
      • Bevindingen van de evaluatiecommissie Wim Distelmans
      • Voortrekkersrol? Joanne Klineberg geeft toelichting bij de recente wetgeving Canada. Professor Jan Bernheim verzorgt de inleiding van dit item.
    2. Toezicht op de werking: controle en bewaken van zorgvuldigheidsvereisten, rapportage, richtlijnen,...
      • Controle op de euthanasiewetgeving De Federale Controle- en Evaluatiecommissie Euthanasie gaat na of een euthanasie wordt uitgevoerd volgens de voorwaarden en de procedure voorgeschreven door de wet. Wanneer een arts een euthanasie uitvoert, dient hij een verslag over te maken aan de commissie die zich buigt over de doorlopen procedure. Op basis hiervan maakt zij een tweejaarlijks verslag op waarin zij aanbevelingen formuleert en cijfers rapporteert. Wat leert een analyse daarvan? Kan de medische praktijk in beeld gebracht, ons tot nieuwe conclusies of aanbevelingen leiden? Er was ook kritiek op de samenstelling van de commissie waarbij haar onafhankelijkheid in vraag werd gesteld. Is die bekommernis terecht?
    3. Praktische opvolging: informatie en opleiding, deontologie
      • Deontologie van de arts en de zorginstelling Enerzijds bepaalt de euthanasiewet dat een patiënt, onder bepaalde voorwaarden, het recht heeft om euthanasie aan te vragen. Dit recht is echter niet afdwingbaar. Bovendien bepaalt de patiëntenrechtenwet dat een patiënt ook het recht heeft om zijn zorgplan mee te bepalen en hiertoe alle informatie krijgt. Anderzijds heeft elke arts het recht niet in te gaan op een vraag om  euthanasie indien dit in strijd is met zijn persoonlijke morele overtuiging. De vraag luidt dan hoe de rechten van de patiënt zich verhouden tot de morele vrijheid van de arts? Hoe kan rechtszekerheid aan de patiënt geboden worden? En kan een zorginstelling zich het recht op een eigen beleid toeëigenen?
      • Opleiding en informatie De evaluatiecommissie benadrukt in haar verslag dat met het oog op een wettelijk correcte toepassing van euthanasie zowel de burger, de arts als de zorgverstrekkers op degelijke wijze dienen te worden geïnformeerd. Moet de overheid  meer initiatieven hiertoe ondersteunen? Moet zij zorgen voor (meer)  financiële ondersteuning? Ligt er een afdwingbare verantwoordelijkheid bij de Universiteiten en Hogescholen? Moeten zij worden aangespoord om in hun colleges voldoende aandacht aan vragen rond het levenseinde van patiënten te besteden? Welke opleidingen zijn vandaag voorzien? Is er voldoende informatie? Kunnen procedures zorgverstrekkers en artsen ondersteunen?
    PANEL
    • Wim Distelmans
    • Steven Pleiter 
    • Joanne Klineberg
    • An Ravelingien 
    • Evelien Delbeke 
    • Luc Deliens
  • 12:30 - 13:30
    Lunch

Deel 2

  • 13:30 - 16:00
    NAAR EEN VOLGENDE STAP?
    1. Hulp bij zelfdoding als rechtvaardigingsgrond
      • Hulp bij zelfdoding werd niet expliciet opgenomen in de wet. Dit in tegenstelling tot Nederland en Luxemburg. Toch wordt voor deze vraag naar de euthanasiewet verwezen als juridische grondslag, als rechtvaardigingsgrond. Dit door de Raad van State in haar advies bij de wet, tevens door de Nationale Raad van de Orde der Artsen die stelt dat ‘hulp bij zelfdoding deontologisch gelijkgesteld kan worden met euthanasie voor zoverre alle voorwaarden van euthanasie zoals bepaald in de wet vervuld zijn’. Ook de Evaluatiecommissie sloot zich daarbij aan. Is een expliciete wettelijke aanpassing die patiënt en arts meer rechtszekerheid biedt, aangewezen? Kan dit een oplossing zijn voor het conflict tussen de morele vrijheid van de arts en de rechten van de patiënt zoals geformuleerd in de eerste stelling?
    2. Problematiek bij psychisch lijden - inleiding door Amy De Schutter
      • De wetgever maakt geen onderscheid in ondraaglijk lijden. Het is dan irrelevant of dat lijden psychisch of fysiek is. Gezien het specifieke karakter werd wel in een strengere procedure voorzien. Zijn er voldoende zorgvuldigheidsvereisten? Verleden jaar werd de problematiek onder belangrijke persaandacht in vraag gesteld door 65 academici. Voor hen is de uitzichtloosheid van dat lijden niet aantoonbaar. Maar is lijden objectiveerbaar? Het is de patiënt die ermee geconfronteerd wordt. De casussen zijn erg complex, het gaat over patiënten met een jarenlang therapeutisch verleden, vaak onderhevig aan impulsief suïcidaal gedrag. Tegelijk stelt zich de vraag naar de grenzen van de wilsbekwaamheid. Omwille van de complexiteit van de problematiek heeft Nederland hiertoe een protocol uitgewerkt voor psychiaters. Welke zijn de ervaringen hiermee? In de periode 2014-2015 werd in 3.1 % van de aangiften, psychisch lijden als oorzaak gerapporteerd.
    3. De controverse rond niet aangeboren wilsonbekwaamheid
      • Met een wilsverklaring euthanasie, geschreven op een wilsbekwaam moment, is er geen mogelijkheid tot euthanasie in geval van verregaande dementie. Hier tegenover staat de negatieve wilsverklaring die de patiënt het recht geeft om wilsbekwaam te verklaren wat hij niet wil ingeval hij wilsonbekwaam wordt. Zo kan hij niet om levensbeëindigend handelen vragen in geval hij bv. over een langere periode geen familie nog herkent. Cijfers leren dat een aantal dementerende patiënten daarom te vroeg uit het leven stappen namelijk op het moment dat zij nog wilsbekwaam zijn. Moet een verruiming van de wet, met name van niet meer bij bewustzijn, naar niet bewust van de eigen persoonlijkheid,  onderwerp van debat zijn? De problematiek is opnieuw complex en vraagt zeker om een breed maatschappelijk draagvlak.
    4. Onderzoek naar polypathologie - inleiding door Luc Proot
      • Polypathologie is de tweede meest voorkomende reden tot een euthanasieverzoek namelijk 9,7% van de euthanasiegevallen. Bij deze patiënten ligt de ernst van de toestand niet bij één enkele ziekte maar wel in een combinatie van verschillende ernstige en ongeneeslijke ziekten waarbij geen verbetering meer mogelijk is. Het merendeel van deze patiënten is ouder dan 70. Dit leidde tot een kritiek dat dit kan afglijden tot een euthanasievraag bij levensmoeheid gerelateerd aan een hoge leeftijd waarbij het causaal verband tussen de aandoening en het lijden in vraag wordt gesteld. Is dit een terechte bekommernis? Wanneer wordt een euthanasieaanvraag als polypathologisch beschouwd? Hoeveel gevallen van polypathologie gaan in essentie over terminale patiënten die aandoeningen cumuleren?
    5. Vragen bij levensmoeheid of 'het voltooide leven'
      • In Nederland woedt vandaag discussie over een wetsvoorstel van D66 dat stervensbegeleiding mogelijk maakt bij oudere mensen (+80) die hun leven als voltooid zien. Uit onderzoek door EenVandaag blijkt dat in Nederland 62% van de bevolking hulp bij zelfdoding in Nederland onderschrijft bij levensmoeheid. Zet het groeiende belang van zelfbeschikking in onze cultuur de euthanasiewetgeving hier onder druk? Of moeten we ons vragen stellen bij een vereenzamende samenleving? Inmiddels werd in Nederland ook een levenseinde kliniek opgericht waar patiënten terecht kunnen die een euthanasievraag hebben maar niet gehoord worden. Ook in België wordt de problematiek actueel. Moet met de realiteit van een vergrijzende bevolking dit debat op de agenda?
    PANEL
    • Luc Proot 
    • Ann Callebert 
    • Steven Pleiter
    • Evelien Delbeke 
    • An Ravelingien 
    • Koen Titeca
  • 16:15
    Slotwoord: afsluiten + receptie

Locatie

Congreszaal

Photo Salle des Congrès 2

LOCATIE

Leuvenseweg 21,
1000 Brussel

INSCHRIJVEN

Inschrijven kan enkel online via onderstaand formulier.

  1. Voornaam*
    Gelieve uw naam in te vullen
  2. Achternaam*
  3. Straat*
  4. Nummer*
  5. Postcode*
    Ongeldige invoer
  6. Gemeente*
    Invalid Input
  7. Land*
    Invalid Input
  8. E-mail*
    Invalid Input
  9. Telefoon*
    Invalid Input
  10. Dit formulier invullen betekent geen bevestiging. Uw deelname is definitief van zodra we uw inschrijving hebben nagekeken en u een bevestigingsmail heeft ontvangen. Dit kan tot 7 dagen in beslag nemen.